Pagina 10 van 12

Re: INTERNATIONAAL probleem met LEVOTHYROXINE?

BerichtGeplaatst: do 08 aug 2013, 13:30
door *suze*
En weer zijn er leveringsproblemen met levothyroxine: http://schildkliertje.blogspot.nl/2013/ ... ering.html

Forest is maar helemaal gestopt met Levothroid.
In Frankrijk zijn problemen gemeld met Levothyrox.

Keurig: de British Thyroid Foundation een speciale pagina op haar site heeft waar gebruikers van schildkliermedicijnen kunnen zien of die medicijnen verkrijgbaar zijn: http://www.btf-thyroid.org/index.php/re ... ty-updates

Re: INTERNATIONAAL probleem met LEVOTHYROXINE?

BerichtGeplaatst: za 10 aug 2013, 17:04
door ineke
Misschien heeft mijn apotheek wel een voorraad aangelegd ;)

IK heb nog nooit problemen gehad met levering van de Thyrax (ik gebruik de witte en blauwe).

Vorige maand nog afgehaald (voor 3 maanden).

Re: INTERNATIONAAL probleem met LEVOTHYROXINE?

BerichtGeplaatst: zo 11 aug 2013, 13:54
door *suze*
Bij mijn apotheek hebben ze wel leveringsproblemen gehad met Euthyrox 112.
Dat was in de periode dat Thyrax problemen gaf.

Overigens gaat het mij niet in eerste instantie om mij.
Ik vind het een heel onplezierige ontwikkeling.
Blijkbaar hebben fabrikanten geen zin meer om zo'n goedkoop medicijn te leveren.
En hoe komt dat? Hun aandeelhouders willen meer geld zien.

Re: INTERNATIONAAL probleem met LEVOTHYROXINE?

BerichtGeplaatst: do 05 dec 2013, 15:22
door *suze*
Na tips van enkele medeschildklieren en na enig speurwerk blijkt dat het College Beoordeling Geneesmiddelen in 2013 enkele nieuwe levothyroxine-middelen heeft geregistreerd.
Capsules kwam al voorbij op het Hypoforum.
Maar er zijn ook drankjes. Een merk druppeltjes is afgekeurd.

Ik vraag me af of we daar werkelijk op zitten te wachten.
Natuurlijk heeft het met marktwerking te maken.
Lost het het leveringsprobleem op? Dat is onwaarschijnlijk.

Lees ook: http://schildkliertje.blogspot.nl/2013/ ... nkjes.html

Re: INTERNATIONAAL probleem met LEVOTHYROXINE?

BerichtGeplaatst: di 07 jan 2014, 22:00
door kiek
Vandaag verzonden aan het parlement

XX, 7 januari 2014

Aan Woordvoerders Volksgezondheid van de Tweede Kamer, kamercommissie VWS


Betreft: Preferentiebeleid schildklierhormoon Thyrax/Euthyrox/levothyroxine


Geachte leden van de Kamercommissie voor Volksgezondheid,

De huidige toepassing van het preferentiebeleid is een bedreiging voor de gezondheid en de veiligheid van Nederlandse schildklierpatiënten. Op fora, Facebook en Twitter blijkt dat de Nederlandse apothekers in toenemende mate andere merken verstrekken aan schildklierpatiënten, waardoor het risico van onder- of overdosering vergroot. De apothekers menen zich daartoe verontschuldigd door de wet, vanwege het preferentiebeleid. De betreffende middelen staan in de top tien van de meest voorgeschreven geneesmiddelen en ze zijn spotgoedkoop [1].

De bioequivalentie [2] verschilt per merk. Het effect van 100 µg Thyrax kan in werkelijkheid betekenen dat slechts 93% effectief is, waar 100 µg Euthyrox het effect van 110% haalt, terwijl een generiek middel als levothyroxine Teva/Christiaens 100 µg mogelijk 90% werkzaam effect geeft. Dit zijn fictieve voorbeelden. Het werkelijke effect voor patiënten is in de praktijk slechts te toetsen aan klachten en laboratoriumbepalingen.

Thyrax/Euthyrox/levothyroxine heeft een smalle therapeutische breedte [3]. Men beveelt de 500.000 gebruikers [4] in Nederland aan niet van merk te wisselen [5].
Een wijziging van dosering/wisseling van merk geeft onder- of overdosering, met klachten als onwelbevinden, slechtere concentratie, toenemende vermoeidheid en/of hartritmestoornissen.
Dit is ongewenst voor iedere schildklierpatiënt, en in het bijzonder ongewenst voor de kwetsbare groep ouderen, zieken en zwangeren.

Wisseling van merk betekent opnieuw instellen. Dit is een langdurig en secuur werk en wordt verricht op geleide van klachten en op laboratoriumbepalingen TSH en FT4.

Apothekers menen zich verontschuldigd door de wijze waarop de wet substituties toestaat. Dit preferentiebeleid vergroot het risico van ziekte van de schildklierpatiënt en zorgt voor ziekteverzuim, voor extra consulten en voor extra laboratoriumwerkzaamheden.

Graag uw aandacht en oplossing.


Hoogachtend,
namens verontruste schildklierpatiënten,
XX, XX, XX, en Kiek X
p/a XXX
te X

1. Limiet per eenheid 25 µg 0.02329 tot 200 µg 0.08544 Bijlage 1 Regeling zorgverzekering
http://www.farmatec.nl/geneesmiddelen/p ... ieten.aspx
2. Het effect van een gegeven dosering moet identiek en merkonafhankelijk zijn.
3. KNMP Handleiding geneesmiddelensubstitutie juni 2013
4. Informatie Stichting Farmaceutische Kengetallen
5. NHG-standaard schildklieraandoeningen:
Noot 24: Bio-equivalentie levothyroxine. Het College ter Beoordeling van Geneesmiddelen hanteert als norm dat producten als bio-equivalent worden beschouwd als het 95%-betrouwbaarheidsinterval van de ‘area under the curve’-ratio ligt binnen 80 tot 125% van het referentieproduct. Voor middelen met een kleine therapeutische breedte, zoals levothyroxine, wordt een kleinere marge aangehouden, van 90 tot 111,11% [KNMP 2012a]. De KNMP adviseert daarom altijd hetzelfde geneesmiddelenmerk te gebruiken bij levothyroxine om over- of onderdosering te voorkomen.

Re: INTERNATIONAAL probleem met LEVOTHYROXINE?

BerichtGeplaatst: wo 08 jan 2014, 00:25
door Mellie
Hoi kiek,
Vele berichten op dit forum, blog.schildkliertje en son en alle daarbij behorende social media gelezen over dit onderwerp. Dit is zeker een belangrijke , maar zeer negatieve ontwikkeling voor ons schildklierpatienten. Bij deze mijn dank voor al je inzet en ik hoop straks positieve berichten te kunnen lezen.

In deze zaak is het zeker belangrijk dat we bepaalde zaken kenbaar maken. Welke zaken zijn belangrijk?

mvg Mellie

Re: INTERNATIONAAL probleem met LEVOTHYROXINE?

BerichtGeplaatst: wo 08 jan 2014, 06:04
door Mellie
http://www.consumentenbond.nl/zorgverze ... nen/#item4

Geen idee of dit linkje al voorbij is gekomen, anders te wijten aan mijn (tijdelijke) narcosedementie :mrgreen:

Re: INTERNATIONAAL probleem met LEVOTHYROXINE?

BerichtGeplaatst: wo 08 jan 2014, 22:26
door ineke
Wat aanvullende gegevens.


Geneesmiddelenbulletin
Bio-equivalentie en substitutie van generieke geneesmiddelen
Publicatie Nr. 07 - 01 augustus 2013 Jaargang 47 Auteur prof. dr. T. van Gelder Pagina's 75-81


Een paar stukjes:
Onderzoekspopulatie.
Er is regelmatig discussie of de populatie waarin bio-equivalentieonderzoek wordt uitgevoerd, namelijk gezonde vrijwilligers, wel de juiste is. Gesteld wordt dat bio-equivalentieonderzoek zou moeten worden uitgevoerd in een populatie waarbij het geneesmiddel in de praktijk wordt gebruikt, maar dit is thans geen vereiste voor registratie.

Risico’s.
Juridisch gezien mag de apotheker alleen substitueren als hiervoor toestemming is van de voorschrijver en de patiënt (zie kader hieronder).

Juridische aspecten.
In de Handleiding Geneesmiddelsubstitutie van de KNMP worden de juridische aspecten van geneesmiddelensubstitutie beschreven. Hierover is in de Nederlandse farmaceutische wet- en regelgeving niets vastgelegd. De geldende regels zijn gevormd door de jurisprudentie.3
De apotheker mag een geneesmiddel pas substitueren als zowel de patiënt als de arts met de substitutie akkoord gaan. Als een arts een spécialité voorschrijft met de vermelding van het ®-teken, mag de apotheker geen generiek middel afleveren, tenzij zowel de patiënt als de arts hiervoor hun toestemming geven.3
In de praktijk zal het niet altijd mogelijk zijn om voor elke substitutie toestemming te vragen aan de voorschrijver. Hierover kunnen afspraken worden gemaakt in bijvoorbeeld het farmacotherapeutisch (transmurale) overleg (FT(T)O). Het is van belang patiënten adequaat te informeren over generieke substitutie om toestemming te krijgen.3



Bijwerkingen.
Bij het Nederlandse Bijwerkingen Centrum Lareb zijn vanaf januari 2008 830 meldingen gedaan van vermoede bijwerkingen ten gevolge van generieke substitutie en dit betrof 503 verschillende handelsproducten


Volledig te lezen via:
http://gebu.artsennet.nl/Archief/Tijdsc ... ddelen.htm



Kamerstukken - brieven c.q. vragen Ministerie van VWS
Datum 1 november 2013
Betreft Commissiebrief inzake Reactie Bogin mbt tekort aan veel voorgeschreven geneesmiddelen wél veroorzaakt door preferentiebeleid extramurale farmacie

Kamerstuk; Kamervragen 8/10/2013
Beantwoording Kamervragen over de verstrekking van medisch noodzakelijke merkmedicijnen door een groep van apotheken
Antwoorden van minister Schippers (VWS) op vragen van het Kamerlid Van Gerven (SP) over de verstrekking van medisch noodzakelijke merkmedicijnen door een groep van apotheken.

De Voorzitter van de Tweede Kamer etc.

Datum 8 oktober 2013
Betreft Kamervragen
Geachte voorzitter,
Hierbij zend ik u de antwoorden op de vragen van het Kamerlid Van Gerven (SP) over de verstrekking van medisch noodzakelijke merkmedicijnen door een groep van apotheken (2013Z17656).
Hoogachtend,
de Minister van Volksgezondheid,
Welzijn en Sport,
mw. drs. E.I. Schippers Pagina 2 van 4

Kamervragen van het Kamerlid Van Gerven (SP) over de verstrekking van medisch noodzakelijke merkmedicijnen door een groep van apotheken .
(2013Z17656)
1
Hoe beoordeelt u de voorwaarden waaronder Spanhoff/BENU apotheken merkmedicijnen, waarvan de voorschrijvend arts heeft aangegeven dat deze medisch noodzakelijk zijn, verstrekt aan patiënten? 1)
1.
Allereerst wil ik opmerken het niet aan mij is om de voorwaarden te beoordelen die de Spanhoff-groep hanteert ten aanzien van “medische noodzaak”. Dat is een taak van toezichthouders zoals de Nederlandse Zorgautoriteit en de Inspectie voor de Gezondheidszorg. Voor het beslechten van verstrekkingsgeschillen staat een specifieke procedure open bij de Stichting Klachten en Geschillen Zorgverzekering. Daarnaast is de onderhands verstrekte e-mail bijna anderhalf jaar geleden verstuurd en is de inhoud daarvan wellicht niet meer actueel. Om deze twee redenen past mij terughoudendheid in mijn reactie.

2
Is regel 4 niet in strijd met de wet omdat daar gesteld wordt dat de apotheker de voorschrijvend arts kan overrulen en kan bepalen of een merkpreparaat al dan niet medisch noodzakelijk is? Zo ja, wat gaat u hiertegen ondernemen? Zo nee, kunt u aangeven waarom dit niet zo is?
2
Ik kan dit in zijn algemeenheid niet beoordelen. Een en ander is mede afhankelijk van de afspraken die apotheekhoudenden, artsen en zorgverzekeraars met elkaar hierover hebben gemaakt. In de op 18 september 2013 beantwoorde vragen (2013Z16189) van het lid Van Gerven (SP) heb ik hierover onder meer aangegeven:
“Zoals ook de door de Tweede Kamer aanvaarde motie van de heer Van Gerven (SP) constateert, geldt inderdaad ten algemene dat als een arts behandeling met het door de zorgverzekeraar aangewezen preferente geneesmiddel medisch niet verantwoord acht, en de voorschrijver een niet preferent geneesmiddel voorschrijft, de zorgverzekeraar dit niet preferente geneesmiddel moet vergoeden met inachtneming van de regels van het Geneesmiddelenvergoedingssysteem.
Volledigheidshalve merk ik op dat de beoordeling door de voorschrijvende arts of behandeling met een als preferent aangewezen geneesmiddel medisch niet verantwoord is, mede afhankelijk is van de voorschrijf- en behandelrichtlijnen van de beroepsgroepen. Zie hiervoor verder de antwoorden van 11 december 2012 op de Kamervragen van de heer Van Gerven en mevrouw Leijten over het preferentiebeleid van zorgverzekeraars, met name de beantwoording van vraag 7 (Tweede Kamer, vergaderjaar 2012-2013, Aanhangsel nr. 806) en de antwoorden van 28 augustus 2013 op vragen van het lid Van Gerven over het bericht dat zorgverzekeraar VGZ de druk op artsen wil opvoeren om vaker te kiezen voor goedkopere medicijnen (Tweede Kamer, vergaderjaar 2012-2013, Aanhangsel nr. 3058).” Pagina 3 van 4

3
Wat vindt u van het beleid dat apothekers van de leiding geen merkgeneesmiddelen bij patiënten thuis mogen bezorgen, maar wel als het gaat om generieke middelen? Wat vindt u ervan dat deze apotheken geen merkpreparaten op voorraad mogen hebben om zo een drempel op te werpen voor patiënten die door deze praktijk noodgedwongen weer opnieuw naar de apotheek moeten voor hun medicatie? Is dit geen vorm van machtsmisbruik?
3.
Een dergelijk beleid zou niet erg klantvriendelijk zijn en kan mogelijk in strijd zijn met de contracten die de Spanhoff-groep heeft afgesloten met zorgverzekeraars. Een patiënt /verzekerde kan om die reden bijvoorbeeld ook beslissen om geneesmiddelen af te nemen van een apotheek die wel thuisbezorgt.

4
Hoe beoordeelt u de opmerking dat bij het verstrekken van een merkpreparaat dit de apotheek ‘zomaar honderden euro’s’ kan kosten? Is het preferentiebeleid in deze situatie niet een perverse prikkel die strijdig is met het belang van patiënten om die medicijnen te krijgen die noodzakelijk zijn?
4
Deze vraag is ook aan de orde gekomen in de op 18 september 2013 beantwoorde vragen (2013Z16189) van het lid Van Gerven (SP). In die antwoorden is aangegeven: “Tariefafspraken tussen zorgverzekeraars en apotheekhoudenden hebben geen invloed op de wettelijke aanspraak van een patiënt. Als zorgverzekeraar en apotheker een tariefafspraak hebben en daarbij een zogenaamd “pakjesmodel” hanteren, dan kan dat er niet toe leiden dat verzekerde moet (bij-)betalen. Regelt de zorgverzekeraar een en ander niet met de apotheker dan kan de verzekerde een klacht indienen bij de SKGZ omdat de zorgverzekeraar zich niet houdt aan de verzekeringspolis en de aansprakenregeling. Hier is geen rol voor VWS weggelegd”.

5
Is het waar dat bij deze apotheken ook niet-apothekers recepten nakijken en vervolgens privacygevoelige zaken –inclusief medisch geheim- naar recepten@spanhoff.nl gestuurd worden, welke mailbox wordt beheerd door een ict-er, familielid van de directie van Spanhoff die niet BIG-geregistreerd is? Is het waar dat deze persoon met het receptnummer kan inloggen bij CHA-online (=declaratiesysteem van apothekers) en hij zodoende alle medicatie die een patiënt gebruikt kan inzien? Zo ja, wat vindt u van deze situatie?
5
Ik weet niet of dit waar is. In de e-mail wordt geen melding gemaakt wie welke mailbox beheert.

6
Bent u bereid om in te grijpen in deze situatie waarbij kennelijk financiële motieven het patiëntenbelang schaden? Zo nee, waarom niet?

http://www.rijksoverheid.nl/bestanden/d ... theken.pdf



Een gedeelte uit kamerstuk – kamerbrief 06/09/2013
Deze leden vragen ook of er naar mijn oordeel voldoende data beschikbaar zijn om aan te tonen dat (nieuwe) geneesmiddelen effectief en doelmatig zijn. Kenmerk 135655-107512-GMT Pagina 4 van 17

Hier kan ik geen algemene uitspraak over doen. Enerzijds omdat dit per geneesmiddel kan variëren en anderzijds omdat deze beoordeling is voorbehouden aan het College voor zorgverzekeringen (CVZ). Het CVZ beoordeelt alle extramurale geneesmiddelen en alle dure intramurale geneesmiddelen. Alleen als bewezen is dat deze geneesmiddelen een toegevoegde waarde hebben (dat wil zeggen therapeutische meerwaarde of gelijkwaarde, mits de behandeling doelmatig is t.o.v. de standaardtherapie) en de doelmatigheid voldoende is, is het oordeel van het CVZ over de opname in het basispakket positief. Als er niet voldoende gegevens beschikbaar zijn om de toegevoegde waarde te onderbouwen, is het oordeel van het CVZ negatief en wordt (of blijft) het geneesmiddel in principe niet opgenomen in het basispakket. Als er bij de beoordeling van een geneesmiddel voor opname in het basispakket onvoldoende data beschikbaar zijn om te beoordelen of een nieuw geneesmiddel effectief en doelmatig is, maar het wel aannemelijk is dat het geneesmiddel een waardevolle aanwinst kan zijn, dan kan dat reden zijn voor het starten van een voorwaardelijke pakkettoelating. Dataverzameling is bij voorwaardelijke toelating een belangrijk aandachtspunt. Bij de start van een voorwaardelijk traject moet duidelijk zijn welke data verzameld moeten worden om de effectiviteit en doelmatigheid vast te stellen. Ook moet vastgesteld worden of het reëel is dat die data verzameld worden. Zo niet, dan kan dat reden zijn om geen voorwaardelijk traject te starten. Deze voorwaarden scherpen wij momenteel aan. Alles overziend zal voor (veelbelovende) nieuwe innovatieve geneesmiddelen een goede balans moeten worden gezocht tussen het nog ontbreken van gegevens en de spoedige beschikbaarheid voor patiënten.

http://www.rijksoverheid.nl/bestanden/d ... ddelen.pdf



Een gedeelte van Kamerstuk Kamervragen 27/08/13;
3 VGZ heeft berekend dat een besparing van vele tientallen miljoenen euro’s extra per jaar mogelijk is indien artsen altijd het goedkopere middel voorschrijven wanneer dat mogelijk (medisch verantwoord) is.

6
Vindt u de gevolgen acceptabel voor patiënten die vanwege medische noodzaak afhankelijk zijn van een specifiek merkmedicijn? Bent u van mening die zij de bijwerkingen die zij ondervinden van een generiek middel voor lief moeten nemen? Kunt u uw antwoord toelichten?
6
Zoals ik in mijn reactie bij vraag 4 heb aangegeven, blijft VGZ duurdere merkmedicijnen vergoeden indien er sprake is van medische noodzaak. Indien er bijwerkingen optreden bij een generiek middel kan de arts een specifiek merkmedicijn voorschrijven omdat dit medisch noodzakelijk is.

7
Vindt u het acceptabel dat zorgverzekeraars op de stoel van de arts gaan zitten, en bepalen welke medicijnen mogen worden voorgeschreven? Deelt u de mening dat de arts het beste kan bepalen welk medicijn voor een patiënt geschikt is? Kunt u uw antwoord toelichten?
7
Zorgverzekeraars zitten door de bevoegdheid tot het voeren van preferentiebeleid naar mijn mening niet op de stoel van de arts. Het is immers altijd de voorschrijvend arts die vanuit zijn verantwoordelijkheid bepaalt of en zo ja, welk
geneesmiddel een patiënt nodig heeft. De zorgverzekeraar kan de aanspraak op het geneesmiddel en dus de vergoeding daarvan, per werkzame stof, nader preciseren tot een aangewezen preferent geneesmiddel met dezelfde werkzame stof. Als behandeling met een preferent geneesmiddel volgens de voorschrijvend arts medisch niet verantwoord is, dan heeft de verzekerde ook aanspraak op een niet-preferent geneesmiddel met dezelfde werkzame stof.

8
Hoe verhoudt de opstelling van VGZ zich tot de aangenomen motie-Van Gerven (SP) waarin is uitgesproken dat ‘de vermelding medische noodzaak op een recept voldoende moet zijn om de voorgeschreven medicijnen verstrekt te krijgen’? 2)
8
De opstelling van VGZ en de motie- Van Gerven verhouden zich goed tot elkaar. Zie ook mijn reactie op vragen 4 en 7.

http://www.rijksoverheid.nl/bestanden/d ... cijnen.pdf

Re: INTERNATIONAAL probleem met LEVOTHYROXINE?

BerichtGeplaatst: do 09 jan 2014, 10:25
door kiek
Dank voor je info, Ineke.

Je citeert:
Onderzoekspopulatie.
Er is regelmatig discussie of de populatie waarin bio-equivalentieonderzoek wordt uitgevoerd, namelijk gezonde vrijwilligers, wel de juiste is.


Dit is een zo belangrijke, en gelukkig wereldwijde, discussie.
Ik vind het ook van de gekke dat gezonde, mannelijke vrijwilligers met een supergezonde schildklier, gebruikt worden om het effect van de sterkte van een pil te beoordelen.
Ze zouden juist een groep gezonde vrijwilligers zonder schildklier bij elkaar moeten scharrelen.
Zo'n groep zou dan bijvoorbeeld 3 maanden een ander merk levothyroxine gebruiken, waarbij dan driemaal TSH en FT4 gemeten wordt.
Afijn, fantasieën genoeg. Realiteit is anders.

De pest is eigenlijk dat levothyroxine zo verschrikkelijk goedkoop is! Die lage prijs is nu juist een barricade voor de farma om te investeren in nieuwe ontwikkelingen. Het duurt bij levothyroxine veel te lang voordat de investering winst genereert.

Re: INTERNATIONAAL probleem met LEVOTHYROXINE?

BerichtGeplaatst: do 09 jan 2014, 19:25
door ineke
Risico’s.
Juridisch gezien mag de apotheker alleen substitueren als hiervoor toestemming is van de voorschrijver en de patiënt (zie kader hieronder).



Handleiding substitutie
Substitutie is het onderling vervangen van handelsproducten (HPK) met dezelfde werkzame stof, dezelfde sterkte en dezelfde farmaceutische vorm (dezelfde GPK).

De Handleiding Geneesmiddelsubstitutie geeft uitleg over geneesmiddelen of situaties waarin overwogen moet worden om niet te substitueren. Ook bevat de handleiding achtergrondinformatie over bio-equivalentie en juridische aspecten
Download de Handleiding Geneesmiddelensubstitutie (versie juni 2013) »


Uit deze handleiding:
7.1 Toestemming van voorschrijver en patiënt nodig
Eén van de juridische aspecten van substitutie is de vraag of de apotheker onrechtmatig handelt ten
opzichte van de voorschrijver en/of de patiënt. Daarover heeft het Hof Leeuwarden in 1990 bepaald dat
de apotheker zich ervan moet vergewissen dat de patiënt, evenals de voorschrijver, met de substitutie
akkoord gaat. De apotheker mag niet op eigen gezag afwijken van het recept. Als de voorschrijver en
patiënt toestemming geven, mag de apotheker het merkgeneesmiddel wel vervangen. Als een arts een
merkgeneesmiddel voorschrijft met daarbij de vermelding van het ®-teken, dient de apotheker zich ervan te
onthouden een generiek middel af te leveren, tenzij zowel aan degene aan wie het product wordt afgeleverd
als aan de voorschrijver expliciet om toestemming voor substitutie wordt gevraagd en verkregen en de
apotheker dit kan aantonen.

Volgens het Hof volgt uit het ten tijde van de uitspraak geldende artikel 26a Besluit Uitoefening
Artsenijbereidkunst (nu art 5 Besluit geneesmiddelenwet) bepaaldelijk dat de apotheker zowel jegens de arts
die het recept heeft uitgeschreven, als jegens de patiënt te wiens behoeve het is uitgeschreven, gehouden is
het product af te leveren dat in het recept is voorgeschreven, tenzij hij zich ervan heeft vergewist dat zowel
de voorschrijver als de patiënt met de aflevering van een vervangend geneesmiddel akkoord gaat. Artikel
26a sloeg echter alleen op apotheekbereidingen.

De Voorzieningen(kortgeding)rechter te Den Haag heeft in drie procedures, aangespannen door de
farmaceutische industrie tegen de nieuwe tariefmaatregel voor apotheekhoudenden van het CTG op 29
augustus 2003, geoordeeld dat de patiënt in zijn algemeenheid gezegd tegenover de apotheker recht heeft op aflevering van het geneesmiddel dat de arts heeft voorgeschreven.
Verzet de voorschrijver of de patiënt zich tegen de substitutie, dan handelt de apotheker onrechtmatig ten opzichte van de voorschrijver of de patiënt indien hij toch substitueert.

De rechter bevestigde daarmee dat toestemming van voorschrijver en patiënt nodig is voor substitutie.


Zie verder de volledige handleiding (juni 2013)
http://www.knmp.nl/downloads/producten- ... ubstitutie




Wijzigingen in Handleiding Geneesmiddelsubstitutie versie juni 2013
Ten opzichte van de versie februari 2012 zijn de volgende inhoudelijke wijzigingen gedaan

Een stukje:
Hoofdstuk 3, inclusief stroomschema ‘keuzemomenten bij substitutie’
• Tussen generieke middelen onderling worden geen bio-equivalentie onderzoeken uitgevoerd.
Theoretisch gezien kan een aanzienlijk verschil in blootsteling mogelijk zijn als generiek A aan de
ondergrens zit van de toegestane marge en generiek B aan de bovengrens. Derhalve kan het wisselen
tussen generieke middelen potentieel meer risico met zich meebrengen.


Zie verder:
http://www.knmp.nl/downloads/producten- ... ubstitutie